Blackjack spelregels

Het spel blackjack is een behoorlijk listig spel. Het is niet zoiets simpels als roulette, maar bij blackjack moet je zelf echt nadenken. Het belangrijkste bij blackjack is om enkele stappen vooruit te denken en je tegenspelers elke keer één stap voor zijn. Dit kan je doen door je tegenspelers te analyseren. Hierbij is het noodzakelijk om te bepalen wat voor kaarten je tegenspelers hebben. Op die manier kan je je winstkansen goed inschatten en kan je daardoor de hoogste winst behalen. Het behalen van winst is natuurlijk één van de belangrijkste factoren bij het spelletje Blackjack.

Bij blackjack komen ook behoorlijk wat spelregels om de hoek kijken. Het is daardoor niet mogelijk om zomaar dit spel te spelen en al heel veel geld te verdienen. Het is echt een spel waar je wat kennis voor moet hebben. Bij blackjack speelt elke speler individueel en het aantal kaarten dat men krijgt, is afhankelijk. Bij blackjack bestaan er meerdere varianten waarbij het aantal kaarten varieert van 1 tot 6 kaartspellen.

Het doel van blackjack is om als spelers zo dicht mogelijk bij het getal 21 te komen. Dit verklaart ook waarom veel Nederlanders blackjack ‘eenentwintigen` noemen. Het getal 21 moet worden behaald door kaarten weg te leggen en op die manier zo dicht mogelijk (of exact op) 21 uit te komen.

De puntentelling bij blackjack is erg simpel; het getal dat op de kaart staat, is ook daadwerkelijk het getal waar je mee moet tellen. Als je een harten 7 hebt, heb je dus 7 punten. Een kaart waarop een afbeelding staat (vrouw, boer, koning en aas) zijn elk 10 punten waard. Dit geldt echter niet voor de aas; bij een aas mag een speler zelf kiezen of hij 1 of 11 punten geeft aan deze kaart. Op deze manier kan een speler zo dicht mogelijk bij de 21 komen.

In eerste instantie krijgt elke speler 2 kaarten die open op tafel worden gelegd. De dealer in dit spel krijgt één kaart. Indien deze eerste 2 kaarten bij een speler al exact 21 punten waard zijn, krijgt deze speler zijn inzet al met factor 1,5 terug. Indien er niemand exact 21 punten heeft, wordt er gewoon doorgespeeld. Hierbij wordt er aan elke speler gevraagd of hij nog een kaart wil pakken of dat hij wil passen. Met een bepaald handgebaar kan de spelers aangeven waar zijn keuze naar uit gaat. Indien geen een van de spelers nog een kaart wil trekken, gaat de dealer zelf kaarten trekken. Indien de dealer zelf meer dan 17 punten heeft, stopt het spel. Op dat moment gaat de dealer vergeleken hoeveel punten de andere spelers hebben. Als de spelers meer punten dan de bank heeft én niet over de 21 punten heen gaat, dan verdubbelt hij zijn inzet. Als een speler 17 punten verliest of wint de speler niks. Als een speler een lager puntenaantal heeft dan de 17 punten, verliest de speler zijn inzet.

Het spel draait er dus om, om zo dicht mogelijk bij de 21 punten te komen.